nieuws

Renske Leijten wint GGZ-verkiezingsdebat

De SP heeft, samen met Trots op Nederland, het ggz verkiezingsdebat op 28 mei in Utrecht gewonnen. Verrassend was dat de politieke partijen nog steeds niet goed raad weten met de jeugd-ggz. Onder grote belangstelling – zeker 150 mensen uit het hele veld waren naar zaal Ottone gekomen – vond het ggz verkiezingsdebat plaats met vertegenwoordigers van zeven politieke partijen. De discussie waaierde, mede door de grote inbreng vanuit de zaal, zoveel kanten uit dat vier uur bij lange na niet voldoende was om op alle vragen en opmerkingen in te gaan. Discussieleider Ruud Koole van de mede-organisator Skipr legde het panel van (aspirant-)politici en de zaal vijf stellingen voor. Renske Leijten (SP) mocht zich na afloop de winnaar noemen. Haar verhaal overtuigde het publiek het meest. Ciska Joldersma (CDA) en de niet te volgen VVD-kandidaat Ybeltje Berckmoes eindigden als laatsten.

Medisch specialisme Op Nicole Bakker (TON) na spraken alle politici zich in eerste instantie eensluidend uit over de stelling dat gemeenten de regie in de jeugdzorg op zich zouden moeten nemen. De zorg zou dan zo dicht mogelijk bij huis geregeld zijn. Bovendien hebben de gemeenten al veel ervaring opgedaan op het vlak van preventie en bijvoorbeeld de jeugdgezondheidszorg. Vanuit de zaal reageerde Arga Paternotte van de oudervereniging voor gedragsproblemen Balans als door een wesp gestoken. Zij stelde dat gemeenten totaal geen kennis hebben van de jeugd-ggz noch van kinderen met psychische problemen. ‘De jeugd-ggz is niet een of andere sociale voorziening. Het is een medisch specialisme, en de gemeenten moeten daar verre van blijven.’

Door de knieën Politici als Jolanda Sap (GroenLinks) en Esmé Wiegman (ChristenUnie) raakten door de interventie van Paternotte helemaal van hun apropos. Terwijl hun partijwoordvoerders juist af willen van de aparte positie van de jeugd-ggz, gingen zij door de knieën en verklaarden dat de jeugd-ggz uiteraard onder de Zorgverzekeringswet moet blijven vallen. Alleen Ciska Joldersma, die toch nauwelijks meer kans maakt direct in de Tweede Kamer gekozen te worden, hield stug voet bij stuk. Zij beklemtoonde dat momenteel nagenoeg de hele Kamer het standpunt huldigt dat ook de jeugd-ggz onder de regie van de gemeenten moet komen te vallen. Zij raadde de lobbyisten van onder meer GGZ Nederland aan om als zij daar anders over denken, vooral de publiciteit te zoeken.

Participatie GroenLinks wist vervolgens wel bij het publiek te scoren met een pleidooi voor een nieuwe wet om in kwetsbare mensen te investeren. Om zo hun participatie in de maatschappij te vergroten. ‘Wij vinden dat iedereen naar vermogen moet kunnen meedoen’, betoogde Jolanda Sap. ‘We mogen mensen niet afschrijven.’ In haar programma trekt GL hier twee miljard euro voor uit, zodat ook mensen die een kleine bijdrage aan de samenleving leveren daar het minimumloon voor krijgen.

Topinkomens Bij de stelling ‘De ggz kan meer met hetzelfde budget’ kwamen toch weer de topinkomens van zorgbestuurders om de hoek kijken. Vooral Renske Leijten (SP) hekelde de gulzigheid van bestuurders. Marleen Barth, voorzitter van GGZ Nederland, bracht daartegenin dat in de ggz geen enkele bestuurder qua inkomen boven de norm van de Vereniging van bestuurders in de gezondheidszorg (NVZD) zit. Maar Leijten liet zich daardoor niet uit het veld slaan. ‘Ik vind het niet te verdedigen’, repliceerde ze,’dat bestuurders 220.000 euro verdienen. Met de helft daarvan hebben ze nog een heel mooi salaris.’

[persbericht Psy 29-5-2010]