Tribune 7/99 Interview: dominee Hans Visser

30 juni '99
Afbeelding protest red de zorg

Interview

dominee Hans Visser

Met bijna alles wat hij doet baart hij opzien. Zijn felle, gepassioneerde inzet voor daklozen, vluchtelingen, drugsverslaafden, prostituees, werklozen en illegalen maakte hem wijd en zijd bekend en geliefd. Maar niet minder omstreden. Dominee Hans Visser is nooit bang geweest voor de confrontatie. “Ik kies graag de radicale weg. De problemen die het soms oplevert heb ik er graag voor over.”

Tekst Rob Janssen Foto Paul Peters

“De kerk moet ook de straat opgaan om een vuist te maken”

“Toen ik twintig jaar geleden naar Rotterdam kwam, moest de kerk enorm aan mij wennen. Omdat ik dingen deed die tot dan toe hoogst ongebruikelijk, ongewoon en ongepast in een godshuis waren. Ik startte in de Pauluskerk het Diaconaal Centrum, een opvangcentrum voor mensen in nood, randgroepen en buitenlanders en ik steunde de havenarbeiders tijdens de grote havenstaking van 1979. Dat sloeg in de kerk in als een bom. Stakers werden gezien als een stelletje anarchisten. Er werd destijds zelfs gezegd dat ik maar naar Turkije moest vertrekken, of lid moest worden van de communistische partij. Dat soort flauwekul. Tijdens een bijeenkomst in Schiedam over het RSV-drama riep ik: God pikt dit niet. Daar heb ik enorm voor op mijn lazer gehad van collega’s. Ze zeiden dat ik dat niet had mogen zeggen en dat het theologisch onverantwoord was. Maar ik sta er nog altijd achter en ik zou het ook nu nog zeggen. Het was toen gewoon niet vanzelfsprekend dat de kerk zich bemoeide met politieke vraagstukken, met armoede en ongelijkheid. Ik heb veel moeten uitleggen, maar de afgelopen twintig jaar heeft de kerk op die punten wel vooruitgang geboekt. Niet alleen door mij; ook veel collega’s hebben zich ervoor ingezet. De kerk heeft nu positie ingenomen ten gunste van de armen. Ook binnen de rechterflank van de kerk, waar men zich vroeger met hand en tand tegen de politiek verzette.

In 1987 richtte ik voor de thuisloze druggebruikers Perron Nul op. Je moet je voorstellen dat er in die tijd een geweldige drugsoverlast was bij het station van Rotterdam. Perron Nul hield de gebruikers uit de stationshal en -restauratie en de NS was er na een tijdje heel tevreden over. De eerste jaren liep het project goed; het was kleinschalig, overzichtelijk en het zette zoden aan de dijk. Men heeft wel eens gezegd dat Perron Nul aan zijn eigen succes ten onder is gegaan. Het enthousiasme was zo groot, dat het aantal bezoekers enorm toenam. Overbevolking werd het grote probleem. In 1992 heeft een groep mariniers een grote kloppartij veroorzaakt. Ook de taxichauffeurs verklaarden ons de oorlog. Het liep allemaal ontzettend uit de hand. Ik vroeg burgemeester Peper om aanvullende maatregelen tegen de uitwassen van Perron Nul. Die kreeg ik niet, de verloedering zette door. Peper luisterde liever naar het bedrijfsleven; hij wilde gewoon van Perron Nul af. Achter mijn rug om werkte hij regelrecht naar de sluiting van Perron Nul toe. Peper heeft me anderhalf jaar belazerd. Hij is een onbetrouwbaar bestuurder, een ander woord heb ik niet voor die man. Ik zei hem nog dat je Perron Nul niet kúnt sluiten zonder alternatief. Hij deed het toch. In 1994 werd Perron Nul opgedoekt. Ja, en toen kwam de chaos over Rotterdam waarvoor ik gewaarschuwd had. Vraag niet wat dát gekost heeft. Het is een schande. Peper heeft door zijn eigen wanbeleid miljoenen verkwist en toch kan hij rustig in de politiek blijven doorstromen. Als je maar genoeg vriendjes hebt en een grote bek dan kun je floreren in de politiek. Sommige politici zou ik wel eens willen vragen: Waar draait het nou eigenlijk om? Om jouw carrière of om het landsbelang?

In mijn werk is de dialoog heel belangrijk, geweld wijs ik af. Een kerk wordt uiteindelijk afgerekend op basis van wat Jezus aan inspiratie aan de mensheid heeft gegeven. In Jezus’ leven heeft gewelddadigheid geen belangrijke rol gespeeld. Hij heeft in een tempel wel eens een tafeltje omgegooid; hij was niet een of andere softie. Maar hij heeft er altijd voor gekozen om kwaad met goed te beantwoorden. Je moet dan ook als kerk proberen om in die geest te blijven handelen. Voor mijn werk ben ik bijvoorbeeld de dialoog aangegaan met druggebruikers en dat heeft tot veel goeds geleid. Dat wil niet zeggen dat ik alles pikte wat ze deden en dachten, maar er is een goede verstandhouding ontstaan. Ook met illegalen, buitenlanders en mensen van andere godsdiensten en culturen. Ik heb altijd gezegd: een kerk moet open zijn voor en in gesprek komen met alle mensen van de samenleving. Ja, die visie kan wel eens conflicten opleveren. Ik sprak ooit eens een paar goede woorden uit over pedofielen die verantwoordelijk willen omgaan met hun leven. Zwaar onderwerp en bijna niet uit te leggen. Vonden collega’s een schande. Maar als je kinderen wilt beschermen, dan moet je met pedofielen aan de slag om ze te leren hoe ze met kinderen moeten omgaan. Als je alleen maar zegt dat het schurken zijn en ze vervolgens opsluit, dan begint de ellende pas goed. Dát is de dialoog met de samenleving. Als je de dialoog niet voert, dan schop je mensen aan de kant en die gaan dan later weer rare dingen doen. Een kerk is er voor iedereen. In de Pauluskerk komen ook mensen die niet gelovig zijn. De kerk is een sociale beweging in de samenleving en geeft aandacht aan de inrichting van een stad, de opbouw van de samenleving, de voortgang van techniek, wetenschap en kunst, de zorg voor de armen etcetera. Dat betekent ook dialoog met de politiek. De kerk is géén politieke partij maar doet wel aan politiek. Ze zal opkomen voor de belangen van de mensen. Daarvoor kan de kerk wisselende coalities vormen met politieke partijen; soms zul je de ene partij wat meer bijvallen dan de andere. Maar de kerk moet zich niet aan een partij binden en dat is ook de reden waarom ik nooit lid ben geworden van een politieke partij. Ik wil altijd mijn handen vrij houden. Politiek draait om de inrichting van de samenleving. En geloof is niet alleen een kwestie van geest, gevoel en ziel. Het geloof moet tot uitdrukking gebracht worden in de politiek. Als de kerk een sociale beweging wil zijn, dan zal ze naar de politiek moeten gaan om te zeggen: Jongens, hier ligt een stuk verantwoordelijkheid voor jullie.” Laat de politiek het dan afweten, dan moet de kerk in actie komen en een eigen plan trekken. En zeker niet het bijltje erbij neer gooien.

Het belang van de nationale staat neemt af. De globale economie is in de wereld een eigen macht geworden. Belangrijke beslissingen worden genomen op Wallstreet en zo. Alles gaat om geld maken. Er zijn er natuurlijk velen die daarvan profiteren, maar we weten ook dat er in de wereld door de globale economie uitstoot plaatsvindt. Er worden complete landen, volkeren en werelddelen uitgestoten. Afrika is daar een voorbeeld van. Daarnaast worden ook grote groepen mensen in westerse metropolen de dupe. De reactie daarop is dat er in de wereld steeds meer mensen hun toevlucht gaan nemen in nationalisme, fundamentalisme en criminaliteit. Dat zijn levensgevaarlijke ontwikkelingen die je niet moet onderschatten. Globale economie is prima, maar je moet zorgen dat de uitstoot afneemt. Er moeten meer mensen profiteren. Het kan gewoon niet zo zijn dat de een zich mateloos zit te verrijken en de ander tegelijkertijd zit te verrekken. Als Paars vasthoudt aan bepaalde vormen van beleid die in dat kader onacceptabel zijn, dan moet de kerk daartegen te keer gaan. De kerk zegt doorgaans: ja, maar we doen al veel: we hebben een wereldwinkel en we zijn ook tegen armoede en we hebben een brief gestuurd naar het kabinet. Ik heb altijd gekozen voor de wat radicalere oplossing. Ik zeg dan: Da’s allemaal mooi, maar je moet ook de straat op om een vuist te maken.

Dominee Hans Visser (57) is een ongewone dominee in een ongewone kerk. Hij veranderde de Rotterdamse Pauluskerk in een toevluchtsoord voor mensen die op de rand van de afgrond balanceren. Het beruchte project Perron Nul maakte van de drugsproblematiek in een grote stad jarenlang voorpaginanieuws. Met zijn acties voor de kansarmen, zijn krachtige uitspraken en zijn boeken en artikelen geeft hij telkens een opzienbarende visie op kerk en samenleving.

Inhoud

  • Nieuws: Het Binnenhof / Aktie / Bulletin Board

  • Column Jan Marijnissen: Paars: Hoe lang nog?

  • Hoe we van natuurbos een productiebos moeten maken, dat weten we al eeuwen. Maar als die productie niet meer nodig is, hoe geef je het bos dan weer terug aan de natuur? Het “SP-college” in Oss schakelde er kunstenaars voor in.

  • “God pikt dit niet,” sprak dominee Hans Visser, tot de slachtoffers van het RSV-faillisement. De manier waarop de rebelse predikant opkomt voor drugsverslaafden, prostituees, werklozen en illegalen, maakt hem niet overal populair. Maar dat ontmoedigt Visser geenszins. “Ik kies graag de radicale weg,” zegt hij.

  • Belgische vetsmelterijen kregen de zwartepiet toegeschoven over het geknoei met de grondstof voor mengvoeders. Maar intussen blijkt Nederland steeds duidelijker de spil in een obscure Europese handel. De Tribune volgt het vettige spoor.

  • Hij is receptionist, ordedienst, pakezel en psucholoog. Als hij besluit een dag te gaan vissen, ligt de hele school plat. Toch verdient de conciërge nauwelijks meer dan de schoonmaker. Een dag uit het onderbetaalde leven van de boze conciërge Jan van der Schee, die de kat de bel aanbond.

  • Theo de Buurtconciërge; strip van Wim Stevenhagen

Deze website gebruikt cookies!

Deze website maakt gebruik van cookies om uw ervaring te verbeteren en om ons te helpen onze diensten te optimaliseren. Voor meer informatie over hoe wij cookies gebruiken, lees onze cookieverklaring.