De SP zal bij de begrotingsbehandeling van VROM het kabinet vragen om met maatregelen te komen om de waardestijging, die het gevolg is van bestemmingswijziging van grond, voortaan af te romen.
Volgens Kamerlid Remi Poppe betekent alleen al de grondspeculatie bij de VINEX-locaties (grote bouwlocaties aan de rand van de steden) een maatschappelijke verliespost van 500 miljoen gulden per jaar. Sinds het kabinet-Den Uyl hierover struikelde, is in politiek Den Haag de grondpolitiek een taboe van hetzelfde kaliber als de hypotheekrente-aftrek.
Het SP-plan sluit aan bij de conclusies van een recente studie van het onderzoeksinstituut Nyfer “Geld uit de grond”. Dit onderzoek verkent de mogelijkheden om infrastructuur te financieren uit de waardestijging van de grond, die het gevolg is van de aanleg van nieuwe infrastructuur.
Nyfer stelt dat de Wet Voorkeursrecht Gemeenten geen basis biedt voor het afromen van speculatiewinsten, omdat deze slechts de aankoop tegen marktwaarde mogelijk maakt. Het bureau concludeert vervolgens:
“Wanneer een gemeente op agrarische grond de bestemming Bedrijfsterrein of Woningbouw legt, wordt het profijt van die overheidsbeslissing in de schoot van de eigenaar van die grond geworpen. Het merkwaardige is dat een eigenaar die door de wijziging van een bestemmingsplan onevenredig nadeel lijdt, dit nadeel bij de overheid kan claimen: de zogenaamde planschade.”
“Ruw gezegd: voordelen van een bestemmingsplanwijziging vallen aan de eigenaar toe, nadelen van de bestemmingsplanwijziging worden door de overheid aan de eigenaar vergoed.”
De SP is van mening dat de tijd rijp is om het taboe grondspeculatie opnieuw op de agenda te zetten, en zal minister Pronk desnoods bij motie verzoeken om met voorstellen te komen om de grondwinsten af te romen.
