De heer Marijnissen (SP): Voorzitter! Afgelopen weekend was een leuk weekend. Eindelijk isde hypotheekrenteaftrek weer bespreekbaar, desnoods via Europa, wat maakt mij dat uit. Als ik de heer Balkenende hoor, gaat de deur weer helemaal dicht, maar misschien gebeurt het zonder het CDA, wie weet.
Cijfers, cijfers, cijfers en nog eens cijfers.
Ik zag afgelopen zondag een gesproken column bij het Buitenhof. Die mevrouw had een heelleuk beeld. Zij zei dat je ontzettend moet opletten met cijferfetisjisten, want danmoet je denken aan iemand die in de auto zit en constant naar de metertjes op het dashboard kijkt in plaats van door de voorruit. Dat loopt niet goed af. In De Volkskrant stond vandaag ook een zeer lezenswaardig artikel van iemand die morgen promoveert op cijfers en economie.
Waarom zeg ik dit? Omdat de Sinterklaasredevan minister Zalm van vorig jaar nog in mijnoren nasuist. Hij zei toen dat hij dit voorjaarzou terugkomen als een zwartepiet. De Voorjaarsnotagaat dan ook uit van sobere, zo niet sombereverwachtingen. Inmiddels blijkt dat de ministerzich arm heeft gerekend. In tegenstellingtot de heer Balkenende heb ik daar helemaalgeen moeite mee. Ik heb net al aangegevenhoe relativerend wij moeten denken over cijfers.Omstandigheden kunnen veranderen en cijfersook. Als cijfers goed zijn, zijn wij vooralheel blij. Direct zal duidelijk worden waaromwij blij zijn.
Terwijl het Centraal economisch plan nogrekende met bijna 12 dollar voor een vatolie, is die prijs inmiddels 17 dollar. HetCEP dacht dat wij gemiddeld f.1,90 voor eendollar op tafel moesten leggen, maar datis al geruime tijd meer dan f.2, en nu zelfsf.2,13. Dat wordt dus een forse meevallervoor de aardgasbaten. Zoals iedereen weet,zijn deze sinds Den Uyl aan elkaar gekoppeld.Bovendien schijnt een dure dollar goed voorde export en dus voor de groei te zijn.De inflatie is groter dan de aanname inhet CEP en dat is ook een voordeel voor deminister van Financiën. De uitgavenkaderskunnen worden opgerekt en de inkomsten wordengroter, denk aan de BTW. De raming voor belastingop personenauto’s en motorrijwielen is met0,5 mld. verlaagd, omdat er lagere autoverkopenwerden verwacht. Maar wat blijkt? In plaatsvan een volumedaling is er tot en met aprilvan dit jaar sprake van een stijging metmaar liefst 20%. Waar moeten die mensen allemaalrijden?
De groei van de economie was in het eerstekwartaal niet 2 maar 3% en het financieringstekortkomt niet uit op 1,7 maar op 0,7%. Dat iseen nogal florissant beeld vergeleken methet beeld dat eerder werd geschetst. De wereldziet er in juni heel anders uit dan in dedonkere dagen voor Sinterklaas of in hetvoorjaar. Daarmee komt de Voorjaarsnota naarmijn mening een beetje in de lucht te hangenen kan deze niet langer uitgangspunt voorbeleid zijn. Intussen ben ik wel heel ergbenieuwd naar de gevolgen van de jongstefeiten, zowel voor de inkomsten- als voorde uitgavenkaders. Zou de minister een tipjevan die sluier kunnen oplichten? Krijgt deKamer ook de juni-publicatie van het CPBop basis waarvan de minister zijn conclusiestrekt?
Inmiddels vraag ik de minister het zwartepietenpakmaar vast uit te trekken en de mijter weerop te zetten. Ik vraag dat, omdat ik enkeleknelpunten naar voren wil brengen die naarmijn mening spoedig opgelost moeten wordenen waarvoor bovendien een breed draagvlakin de Kamer aanwezig lijkt. Ik vraag metname de aandacht van de PvdA-fractie voordeze punten. Ik doe dat naar aanleiding vanuitlatingen van de heer Melkert in de NRCvan vorige week vrijdag. Ik zal het artikelniet helemaal voorlezen, maar ondanks devaagheid in de conclusies heb ik wel letterlijkgelezen dat hij vindt dat de verschillenin kansen nu kunnen worden verminderd, dater weer ruimte is voor ambitie en dat hetregeerakkoord niet langer heilig is. Hijzegt namelijk: wij moeten ons niet tevredenstellen met het slechts uitvoeren van hetregeerakkoord.
Ook de heer Crone kan er wat van. Ik leesvandaag in de krant dat hij vermoedt datwij nog in de Gouden Eeuw verkeren. Tegende heer Van Dijke zou ik willen zeggen: eensoort La dolce vita. Dat is wat de heer Cronenog ziet voor ons. Die verwijzing naar deGouden Eeuw is hartstikke mooi. Ik neem aandat hij niet bedoelt: toen was armoede normaal,dat moet nu ook normaal zijn. Ik neem aandat hij met die opmerking bedoelt: wij zijneen rijk land, een stinkend rijk land, netzo rijk als relatief gesproken in de GoudenEeuw en dat moet toch betekenen dat wij degrote tegenstellingen in dit land oplossenen belangrijke knelpunten op belangrijketerreinen weten weg te nemen.
Ik wil er meteen een noemen. Dat gaat overdie 8300 ouderen in ons land die op een wachtlijststaan voor een plaats in een verpleeghuis.14% van hen wordt gerekend tot de zeer urgentegevallen. Wij praten dan over zo’n 1200 ouderendie acuut geholpen moeten worden, omdat ergeen mantelzorg meer voor hen is er zijngeen familieleden meer die voor hen zorgen en omdat de reguliere zorg, om welke redendan ook, te kort schiet. Natuurlijk moeter een structurele oplossing komen voor ditprobleem. Maar omdat de uitwerking van eenstructurele oplossing nog wel eens even opzich kan laten wachten, is mijn fractie ervoorstander van dat er 50 mln. beschikbaarkomt voor een noodfonds om op die manierde huidige noodsituatie waarin deze mensenverkeren acuut te kunnen oplossen.Deze problemen zijn zo acuut en zo omvangrijkdat wij niet kunnen wachten op die toegezegdestructurele oplossing. In het gunstigstegeval wordt het dan bij de begroting voor2000 geregeld, maar dan zijn wij inmiddelsweer een halfjaar verder. Ik reken erop datde minister en de Kamer serieus naar dezezaak willen kijken. Een bedrag van 50 mln.moet afdoende zijn om de ergste nood te lenigen.Wellicht ik verwijs nu naar een eerdereuitspraak van de minister vindt hij datgeld in de plooien van zijn mantel, zijnsinterklaasmantel. Mijn fractie overweegthierover in tweede termijn een motie in tedienen.
Het tweede punt betreft de jeugdzorg. Volgenshet regeerakkoord is een bedrag van 60 mln.nodig om de knelpunten in de jeugdzorg opte lossen. Men moet dan denken aan de wachtlijstenvoor de jeugdhulpverlening, het meldpuntkindermishandeling en bureaus jeugdzorg.Wij spreken over 7000 kinderen die van dehuidige problemen het directe slachtofferzijn. Wij vragen van de regering eraan meete werken dat de maximale wachttijd van tweemaanden voor alle vormen van jeugdzorg mogelijkwordt.
Volgens mij vindt een dikke meerderheidin deze Kamer dat het geld om met mevrouwArib van de PvdA te spreken, er linksom ofrechtsom moet komen, dus ook onafhankelijkvan het antwoord op de vraag of de fiscaliseringvan de inning van de omroepbijdrage doorgaatof niet. Misschien kan de minister van degelegenheid gebruik maken, eens uit te leggenwie nou zo’n koppeling bedenkt tussen defiscalisering van de omroepbijdrage en 60mln. voor de oplossing van knelpunten inde jeugdzorg. Mij is dat absoluut onduidelijk.Ik heb er echt over geprakkizeerd: zou hetiets met televisieprogramma’s te maken hebben?Ik kom er niet uit. Misschien kan de ministerdat nu eens uitleggen.
Ik vermoed dat dit voorstel op brede steunkan rekenen. Aangezien het rode lampje albrandt, hetgeen betekent dat mijn spreektijdop is, kan ik mevrouw Ürgü niet meer citeren,noch mevrouw Van Vliet. Tijdens het algemeenoverleg heb ik begrepen dat zij mijn voorstelom nu echt iets te doen aan de jeugdzorgvan harte ondersteunen.
Mijnheer de voorzitter! Ik zal proberenom het vervolg van mijn betoog zo kort mogelijkte houden. Ik wil nog iets zeggen over desociale advocatuur in verband met de gefinancierderechtsbijstand. De vergoeding is zo laagdat er nu al sprake is van leegloop. Hetgevolg is dat minder draagkrachtigen steedsmoeilijker een beroep kunnen doen op gefinancierderechtsbijstand. Deze tweedeling in het rechtzou voor iedereen onaanvaardbaar moeten zijn.En wij zitten al helemaal niet te wachtenop een vergroting van die tweedeling. Eenuurvergoeding van f.180 lijkt mijn fractiealleszins redelijk in vergelijking met dehuidige f.125 die wel erg laag is en in relatietot hetgeen nu in de commerciële sector betaaldwordt. Het is mij inmiddels duidelijk gewordendat een meerderheid in deze Kamer voorstanderis van een verdergaande verhoging dan inmiddelsdoor de regering is toegezegd. Die komt danuit op een vergoeding van f.150 per uur.Mijn fractie kan dat steunen, mits wij kunnenvaststellen dat dit een tussenstap is, zodatwij op termijn kunnen kijken naar een verderdoorgroeien van het uurtarief om op die manierde leegloop van de sociale advocatuur tegente gaan. Mijn fractie overweegt, ook daaroverin tweede termijn een motie in te dienen.
Ik wilde nog iets zeggen over de SPAK ende verspilling van al die miljarden. Misschienkan ik daarover bij een andere gelegenheidnog even de degens kruisen met de minister.
